VII-1

2211 Words

VIIDonderdag 27 augustus Het mobieltje trilt, zoals wanneer het op stil is gezet. – Wie belt mij verdorie om half zes ’s ochtends? Op het schermpje zie ik een bevriend gezicht. Ze moet me per ongeluk gebeld hebben, ik neem niet op. Ik draai het hoofdkussen om, weer lekker fris en koel … Maar de telefoon gaat opnieuw. ‘Valeria, kom nou, weet je hoe laat het is?’ ‘Stil! Zwijg!’ ‘Jij bent het die mij belt’, merk ik op. ‘Wees stil, zoals ik heb geprobeerd.’ ‘Ik zeg het nog eens, jij hebt mij gebeld.’ Ik kijk nog een keer op de digitale klok en de grote rode cijfers: 5:32. – Niet te geloven. ‘’s Ochtends vroeg krijg je de beste ideeën.’ Voor Valeria, maar alleen voor haar, heeft het zin wat ze zegt. ‘Op dit vreselijke uur herinner ik me nog met moeite waar ik woon’, zeg ik. ‘Je m

Free reading for new users
Scan code to download app
Facebookexpand_more
  • author-avatar
    Writer
  • chap_listContents
  • likeADD