''Je hebt me bijna een hartaanval bezorgd!'' Schreeuw ik terwijl ik nog van de schrik herstel. Destiny, één van de verzorgers, kijkt me spijtig aan. Ik krijg een akelig gevoel in mijn buik. Dit kan zeker niet goed zijn. ''Uh Gabby, leuk dat je er weer bent. Hoe was je dag?''Ik kijk verveeld naar mijn nagels. ''Kappen met die bullshit, wat is het probleem?'' De onschuldige uitdrukking dat een aantal seconden geleden nog aanwezig was verdwijnt meteen. Ze kijkt me vals aan en glimlacht. ''Je wordt uit het weeshuis gezet. We verwachten dat je binnen nu en een paar uur weg bent.'' Mijn hoofd schiet omhoog om haar aan te kijken. ''Wat?! Dit kun je me niet menen! Dit kunnen jullie niet zomaar doen!'' Ze grinnikt en kijkt verveeld mijn kamer rond. ''o jawel schat, dat kunnen we wel en dat is wat we nu doen. Ze moeten kinderen zoals jou niet. je bent te oud en nutteloos. Maar ja dat is jouw probleem niet meer dat van mij.'' Ze staat op van mijn bed en loopt lachend weg. Ik dwing mezelf om niet te gaan huilen. Dit kan niet gebeuren. Ik kan he gewoon niet geloven. Ze sturen mij weg.
Met tegenzin pak ik mijn koffers van onder het bed en begin in te pakken. Er wordt zachtjes op de deur geklopt. ''Wie is daar?'' roep ik. Ik krijg geen antwoord, maar in plaats daar van gaat de deur open. ''Wat doe je hier? Ga weg! Heb ik mezelf nog niet duidelijk gemaakt?!'' Brian loopt zonder iets te zeggen naar me toe en trekt me tegen zich aan. Ik kan er niks meer tegen doen wanneer de tranen ongecontroleerd over mijn wangen stromen. ''Het is niet eerlijk. Waarom moet juist bij mij altijd alles mis gaan?'' Zeg ik terwijl mijn tranen blijven stromen. Er komt maar geen einde aan. Brian zegt niets en blijft mijn haar strelen. ''Maak je niet druk Gabby. Alles gebeurt met een reden en er is vast een reden waarom dit is gebeurt.''Zegt hij kalm. ''Dus mijn ouders zijn dood met een reden?!'' Schreeuw ik. Ik duw hem van me af en ga verder met het inpakken van mijn koffers. ''Zo bedoelde ik het niet Gabby.'' Zegt hij spijtig. ''Ja vast.'' Mompel ik. ''Waar ga je slapen?'' Vraagt hij zachtjes. ''In een motel. Ik heb genoeg geld voor twee weken.'' Zeg ik emotieloos. ''Ik heb een huis, je kan daar wonen.'' Zegt hij hoopvol. ''Ik vermoord mezelf liever dan dat ik in jouw huis ga wonen.'' Is mijn antwoord. ''Doe eens even niet zo koppig! Denk jij dat je de enige bent die erge dingen heeft meegemaakt?! Mijn ouders zijn ook dood hoor! Je bent niet de enige in de wereld die zonder ouders moet leven.''
p.o.v brian
Ze kijkt me na mijn uitbarsting spottend aan. ''Heb jij jouw ouders ook voor je gezicht dood zien gaan? Ben jij ook mentaal gemarteld door onbekende mensen? Heb jij ook gezien hoe mensen keer op keer een mes in je ouders steken?! Nee?! Laat me dan met rust. Ik zie keer op keer voor me hoe ze zonder enige reden werden vermoord.'' Ze kijkt glazig voor zich uit alsof ze het moment herbeleefd. ''Heb jij ook gezien hoe het leven langzaam uit je ouders vloeide?'' Haar stem breekt en haar ogen vullen zich met tranen. ''Het spijt me gabby.'' Een emotieloze lach verlaat haar lippen. ''Denk je dat ik niet weet dat ik niet de enige ben die erge dingen heeft meegemaakt?'' Ik staar schaamtevol naar de grond. ''Wil je één ding voor mij doen brian?'' Ik til mijn hoofd op. ''Ja.'' Ze kijkt me met dode ogen aan. ''Stop met je zorgen te maken om mij. Ik heb het al deze jaren zonder jou gedaan, dus een paar jaren erbij maakt geen verschil.'' Zegt ze. ''Het spijt me.'' Gabby reageert niet en loopt met haar koffers naar buiten. ''Wacht!'' Roep ik gehaast. Ze stopt en draait zich om. ''Ja?'' Ik loop naar haar zij en glimlach naar haar. ''Ik ga met je mee en het maakt me niet uit of je het wilt of niet. Je kan letterlijk geen nee zeggen.'' Ze rolt haar ogen. ''Je gaat echt niet ophouden he?'' Ik schud grijnzend mijn hoofd. ''Waarschijnlijk niet, maar je vindt het geweldig dat ik mee ga. Zo'n knappe jongen als ik bied zoiets niet vaak aan.'' ''uitkijken!'' Ik schrik en spring naar de zijkant. ''Wat?!'' Vraag ik verschrikt. ''Straks val je nog om door die grote ego van je.'' Ik lach nep naar haar. ''Wat was dat grappig zeg.'' Ruik je de sarcasme? ''Ik ga even naar binnen om mijn spullen te pakken. Kom je mee?'' Zeg ik zodra ik me herinner dat ik mijn spullen moet inpakken. ''Ben je gek? weet je hoe zwaar deze koffers zijn? Ik wacht hier wel.'' Ik pak haar koffers en stop ze in mijn auto. ''Nu kan je wel mee.'' Ze kijkt mij fronsend aan, maar loopt toch mee.
''Dit is vreemd zeg.'' Mompelt ze zodra ze mijn kamer binnen stapt. ''Wat?'' Vraag ik haar nieuwsgierig. ''Je kamer is verbazend genoeg geen zwijnenstal. Het is eigenlijk hartstikke schoon.'' Zegt ze met grote ogen. ''En dat verbaasd je omdat?'' Vraag ik humorloos. ''Je bent een jongen. Die hebben meestal een vieze kamer.'' Ik zet mijn hand op mijn hart en kijk haar geschokt aan. ''Seksist! Alleen omdat ik een jongen ben verwacht je dat mijn kamer vies is.'' Zeg ik quasi-verbaasd. Ze kijkt me schouderophalend aan. ''Ja ik moet toegeven dat dat helemaal waar is.'' Ik lach en schud mijn hoofd. Ze is echt een handje vol.