Het licht dat tijdens het orben om ons was verschenen zwakte langzaam af. Het was nog een paar meter extra lopen naar de rendez-vous plek maar blijkbaar waren wij al snel opgemerkt door de engelen. Maxine en Jessica kwamen angstig op ons afgerend en stopte een meter voor ons om happend naar adem te snakken. Maxine liep een rondje om Jasper heen. Ze leek te zoeken naar verwondingen van enige soort. Toen ze deze niet vond sloeg ze hem volop met een vlakke hand in zijn gezicht. Vervolgens draaide ze zich om en liep ze weg. Hij keek mij geschokt aan en bracht zijn linkerhand naar zijn wang. Ik haalde mijn schouders op en onderdrukte een stiekeme lach terwijl hij achter Maxine aanrende. "Maxine waar sloeg dat op?" Hij wreef over zijn pijnlijke wang en probeerde zo de pijn te verlichten. Ze draaide zich met een ruk om waardoor hij tegen haar aan liep. "Je liet mij alleen achter terwijl wij een team waren. Straks had ik jou bloed aan mijn handen. Dacht het effe niet meneertje. De volgende keer geef ik je meer dan alleen een klap in je gezicht." Ze blikte naar zijn edele delen en vervolgens terug naar zijn ogen. Het punt was duidelijk. Jasper slikte voordat hij een stap achteruit deed. Ik moest het toegeven dat ik het niet had verwacht van Maxine maar ze heeft pit. Ik mocht haar wel. Ik kon nog veel van haar leren. Ondertussen had ik mijn arm in die van Jessica gehaakt en liepen we samen naar de rest van de engelen. De meeste engelen zaten rondom een kampvuur tot ze ons zagen en op ons af kwamen rennen. Even voelde ik mij schuldig dat Jasper en ik zo lang weggebleven waren terwijl wij eerder terug hadden kunnen komen. Ik duwde de gedachte uit mijn hoofd en probeerde mij te focussen op de taak voor ons. “Sorry dat we zo laat zijn. Laten we meteen..." Al snel werd ik onderbroken door Xavier. "Je verwacht dat wij onze levens geven in deze strijd. Onder jou leiding. Maar zelf verdwijn je plotseling tot de volgende morgen? Daar hebben we veel aan. Ik stel voor dat we stemmen voor een nieuwe leiding." Ik keek om mij heen en zag meerdere engelen knikken. Het was te verwachten maar het kwam toch hard aan. "Prima" zei ik met een stem vol gemaakte zelfvertrouwen. "Wie hier stemt voor een nieuwe leider? Steek je hand omhoog voor ja en laat hem omlaag voor nee." Ik keek toe hoe vier engelen zonder te aarzelen hun hand opstaken. Na een paar seconde stak ook Jane haar hand op terwijl ze beschaamd naar beneden bleef kijken. Dit betekende 5 engelen die tegen ons waren en 7 voor, waaronder Jasper en ik natuurlijk. 5 tegen 7 Xavier, sorry maar je zal het met mij moeten blijven doen. Wel wil ik je bedanken voor je feedback. Ik zal voortaan niet zomaar vertrekken." Ik keek de groep rond voor ik verder sprak. "Ik beloof hierbij plechtig dat ik mijn best zal doen om jullie te leiden zoals jullie dat verdienen. Mijn excuses dat ik dit niet eerder heb gedaan." Ik zag een paar engelen knikken en Xavier ging uiteindelijk zitten met een zucht. "Als we allen sterven is het jou schuld halfie." Ik negeerde hem en ging verder met de punten die ik eerder al had willen bespreken. "Terug naar de missies van gister. Welke feiten weten we? En heeft iemand een plan van aanpak bedacht?” De drie vrijwillige teams vertelde wat ze hadden gezien en gehoord. Het was Mariëlle die opmerkte dat darkbreathers gedeeltelijk kleuren blind waren. Ook waren hun ogen niet bestand tegen het natuurlijke licht van een engel. Het was te licht voor iemand met een levensstijl als die van een schaduw. Hoe ze het wist vertelde ze niet. Ik hoopte maar dat ze geen aandacht had getrokken net als Jasper. “Laten we voor de laatste keer trainen voordat we ons klaar gaan maken voor de strijd. De kans bestaat dat ook zij zich voorbereiden voor een gevecht en ik wil zeker weten dat wij daar als winnaars uitkomen. GOGOGO.” De engelen verspreidde zich over het veld en begonnen opnieuw twee tallen te vormen. Maxine kwam tegenover mij staan. “Ik ben niet de beste vechter maar ik denk dat ik nu het meeste van jou kan leren in een korte tijd.” Ik keek haar even verbaasd aan. Ik was juist de nieuweling hier die nog veel moest leren maar prima. "Oké" zei ik. "ik zal kijken hoe ik kan helpen maar onthoud dat ik net een paar maanden weet wie ik ben en wat ik kan. Ik ben zelf nog een leerling.” Ze knikte en ging in de spar houding staan. Maxine begon met de eerste aanval. Ze bewoog de aarde onder zich en haalde stukken steen omhoog zonder het aan te raken. Puur door ernaar te kijken. Ze stuurde de brokken door haar uitgestrekte hand te bewegen. Vervolgens gooide ze de brokken met een volle vaart mijn kant op. Ik strekte mijn arm en hield ze met moeite tegen. Dit deed me denken aan de trainingen van Melanie. Ik vroeg me af waar ze was. De laatste keer dat ik haar zag was in de grote witte zaal boven. Even begon ik mij zorgen te maken om haar tot ik besefte dat als iemand sterk was, het Melanie wel zou zijn. De afleiding van gedachten kwam mij duur betaald te staan. Een rotsblok kwam op mij afgevlogen en raakte mij vol in mijn buik. Het resulteerde erin dat ik een paar meter naar achter vloog door de energie van de klap. Ik stond op en klopte mijn kleren kort af. “ Oké dan Maxine, laten we vechten” Zei ik met een uitdagende grijns op mijn gezicht.
Maxine en ik waren als eerste klaar met sparren. We waren beide doodop en door en door bezweet. Ze was een goede tegenstander. Ik liep een rondje om de rest van de engelen te controleren. Mijn ogen bleven even hangen bij Jasper. Ik keek van zijn gespierde armen naar zijn geconcentreerde blik. Ik voelde vlinders in mijn buik, Jep, ik was inderdaad verliefd geworden op het slechtste moment mogelijk. Ik wist dat ik hem uit mijn hoofd moest zetten voor het lot van het team en draaide me om. Ik kon nu niet afgeleid worden. Dat kon straks de dood betekenen. Stiekem wierp ik nog een blik over mij schouder. Ik voelde een steek van jaloezie door me heen schieten toen ik zag hoe Jasper Malia omhoog hielp. Ik zette me erover heen en liep weer naar het midden van het veld. “Oké iedereen. Het is begint langzaam donker te worden. Laten we het vuur hoger opstoken en wat gaan eten. Het is wel mooi voor vandaag. Morgenvroeg beginnen we bij de basis in het oosten.” Ik draaide me om en liep naar de bosrand toe. Ik zocht de grond af naar droge en bruikbare takken die goed zouden branden op het kampvuur. Ondertussen dwaalden mijn gedachten af naar de afgelopen maanden. Ik zuchtte en pakte een nieuwe tak op voor de brandstapel. Ik schrok op uit mijn gedachten door een hand op mijn schouder. Het verzamelde hout lag nu op de grond en ik drukte mijn hand op tegen mijn hard om mijn hartslag tot rust te laten komen. “Gaat alles nog goed? Je lijkt een beetje afgeleid Al.” Ik kreunde, en begon het hout op te rapen. Jasper knielde naast me neer en begon me te helpen. “Er is de afgelopen weken zoveel veranderd. Een paar maanden terug zat ik rond deze tijd op school en probeerde ik een manier te vinden om te spijbelen zonder dat mijn moeder gebeld werd. Nu hangt het leven van vele mensen en engelen van mij af terwijl ik niet eens op volle kracht ben.” Jasper keek mij begrijpend aan en legde wat takken in mijn armen. “Je bent niet alleen Al. Dat weet je. Deze engelen zijn bereid mee te vechten wanneer dat nodig is en ik wijk niet van je zijde.” Ik stond op en keek hem aan. Net toen ik iets wilde zeggen hoorde ik het knakken van een tak in de struiken. Ik gaf de takken aan Jasper en draaide mij om naar het geluid. Ik gebaarde naar Jasper dat hij de rest moest halen terwijl ik zachtjes op het geluid afsloop. Op mijn hoede liep ik om de plek heen in de hoop het van achter aan te kunnen vallen mits nodig. Toen ik de plek bereikte was er niks of niemand zichtbaar. Ik sloot mijn ogen en probeerde de omgeving af te speuren met mijn andere zintuigen maar ook hier ving ik niks op. De persoon was vast gevlucht. We moesten hier weg. Wat had de vreemdeling gezien of gehoord? Welke rol speelde hij in deze strijd en wat als de darkbreathers deze informatie in handen krijgen? Op dat moment kwam Jasper aangelopen met de rest van de engelen. Allen waren ze tot op de tand gewapend. Ik liep met mijn handen omhoog in het zicht en liet ze zakken toen ik voor ze stond. “We zijn afgeluisterd. Ik weet niet wie of wat het was maar we nemen geen risico's. Pak de spullen, we vertrekken meteen. Dit om te voorkomen dat de darkbreathers of andere monsters ons eerder vinden dan gepland. Dan is het uitvoeren van het plan niet langer mogelijk. Maar geen zorgen, ik heb een idee.
Een voor een orbde we naar de waterval dichtbij mijn moeders nieuwe huis. Ik was blij met enige tekenen van herkenning. Ik voelde me er veiliger door. Hier konden we snel ons kamp weer opslaan voordat we morgen ten aanval zouden trekken. We sloten de gordijnen en staken waxinelichtjes aan. Hierdoor was het lichtuitstoot beperkt en zou niemand het merken dat het huis weer werd bewoond. Jane haalde water uit de rivier en Jasper zocht de kastjes af naar alles wat eetbaar was. Ik liep naar Jasper en toverde een verpakking spaghetti tevoorschijn uit een kastje naast de koelkast. Jasper nam het aan en zette de pan op het ouderwetse gasfornuis. Het moest aangestoken worden met een aansteker en een gasslang. Terwijl Jasper en ik het eten voorbereide, zochten andere engelen al een plek om te gaan slapen. Jasper, Jane, Maxine en Xavier hadden onderling afgesproken om wacht te staan voor de veiligheid. Omdat ik toch niet zou kunnen slapen bleef ik samen met Jasper wakker voor de eerste wacht. De avond dreef voorbij en Jasper vertelde eindelijk meer over zijn verleden. Wat hij leuk vond, hoe hij wist wat hij was, wat het verschil was met mijn leven. Ik weet niet wanneer maar uiteindelijk was ik weggedommeld tegen hem aan en werd ik pas wakker toen de zon weer op was. Ook hij was in slaap gevallen maar alleen toen Jane zijn wacht overnam. Ik keek naar zijn gezicht terwijl hij sliep en zuchtte. Hij werd wakker en keek mij aan. Ik haalde mijn hoofd van zijn borst af en zorgde voor ruimte tussen ons. “Sorry ik ben in slaap gevallen denk ik.” Ik lachte zacht. Hij lachte mee en knipoogde. “Dat maakt niet uit. Ik ook.” Langzaam aan werd iedereen wakker en werd de restjes spaghetti onderling verdeeld en opgegeten. Na een laatste overleg gingen we dan eindelijk op pad. Door de observaties wisten we precies waar wij moesten zijn. De omgeving was erg bosrijk dus bij gevaar was het wegvliegen geen gemakkelijke optie. Het orben was natuurlijk ook uit den boze dus we konden alleen vluchten door het bos in te rennen. Ik twijfelde of dit wel de juiste beslissing was. Jasper pakte de zijkanten van mijn hoofd vast met zijn handen en keek mij recht in de ogen aan. “Denk aan alles wat ze je hebben aangedaan. Ze wilde je beroven van je krachten, ze hebben je moeder vermoord en zelfs je vader. We moeten door zonder twijfel. We redden het wel. We kunnen het.” Ik knikte en haalde diep adem. "Laten we gaan. "
Ik stapte naar voren uit de duisternis. Verscholen achter een muur keek ik naar de darkbreathers. De Angst had al snel plaats gemaakt voor woede en woede voor onbegrip. Ik sloop dichterbij en veranderde in een bruine rat. Snel sprintte ik door een spleet in de muur naar binnen. Daar keek ik om mij heen en verschool ik mij voor voorbijkomende darkbreathers. Mijn taak was het naar binnen sluipen voor informatie. Ik was voorhoede zeg maar. In de tussentijd zouden hun geruisloos de wachters uitdunnen. Bij het ontvangen van mijn teken zou de rest verder naar binnen dringen. Ik liep langs een kamer en stopte mijn stappen toen ik stemmen hoorde. Ik had geleerd van de vorige keer dat ik daar was. Ik bleef stokstil buiten staan en concentreerde mij op hun stemmen. Ik schrok op. Ze hadden het over mij. Ik luisterde verder. “Zij is de half engel van de legende. De enige die u kan stoppen mijn heer.” Een grote man keek neer op de spreken vanaf een zwarte troon. De troon leek gemaakt engelen vleugels. Ik wist ook dat deze zwart geverfde vleugels niet zomaar afgegeven waren. “U zei net dat ze zwak was. Waarom zou ze een probleem moeten zijn? We maken haar gewoon af net als haar vriendjes en dan mag jij haar energie hebben.” De kleinere man leek bang. “Maar meneer u heeft niet gezien hoe krachtig ze is als ze weet wat ze doet. Ze heeft me verlamd.” Ik wist meteen wie de spreker was. Het was Negan. Hij was eindelijk terug gekropen naar zijn meester. Het verbaasde me dat hij überhaupt terug durfde te komen en beter nog, dat het werd geaccepteerd. “WATTT" schreeuwde de man. "Je hebt je laten verlammen door een zwakkeling? En ik moet je terug nemen? Prutser.” De leider stond op van zijn troon en liep door de zaal heen naar de deur waar ik achter stond verscholen. Ik keek om mij heen en vond een klein scheurtje in de muur waar ik meteen indook. De leider kwam dichterbij maar werd tegen gehouden door Negan die zijn enkel vast greep. “Alstublieft mijn heer vergeeft u mij.” De leider schopte zijn hand weg en schopte hem vervolgens met kracht tegen zijn hoofd. Ik zag hoe Negan opzij vloog en tegen de muur tot stilstand kwam. “Bewijs je straks maar. Volgens mijn bronnen komt ze straks samen met een aantal andere engelen ten aanval in de hoop dat ze eerder zijn dan ons. Stelletje zwakkelingen hahaha ze kunnen niet winnen." Ik zag hoe de leider zich richting Negan draaide met een lach op zijn vervormde gezicht. "Het plan is immers al in werking gezet” waren zijn laatste woorden. Ik luisterde zo aandachtig dat ik niet meer op mijn omgeving lette. Ik hoorde geschreeuw achter me en draaide me met een ruk om. 3 wachters renden met volle vaart naar me toe. Het gesprek in de kamer naast me was ook gestopt. Ik zette het op een lopen door de donkere gangen. Ze hadden door mijn vermomming heen gekeken. Ik veranderde naar mijn menselijke vorm om sneller vooruit te komen. De basis was een echte doolhof. Een paar keer kon ik nog net de goede afslagen nemen. Ik sloeg opnieuw een hoek. Ze kwamen dichterbij. Ik stopte en keek snel om mij heen. Er was een deur. Ik trok met een ruk aan de hendel van de deur maar hij gaf niet mee. Op slot. Ik zat vast in een doodlopende gang en blijkbaar wisten de wachters dit ook. De voetstappen werden langzamer en hun schaduwen kwamen dichterbij. Ik moest toch iets kunnen doen? Onwillekeurig dacht ik aan Jasper en het team. Zou ik dan toch degene zijn die de missie zou verpesten? Zou hij het dan overleven? Plotseling dacht ik terug aan zijn lessen in het shape-shiften. Ik kon dit. Ik nam een aanloopje richting de wachters en veranderde in een vlieg. Hun verbazing was van hun gezicht te lezen, alleen Negan reageerde. Ik ontweek een hand en snelde naar het dichtstbijzijnde raam terwijl de wachters en Negan mij met moeite probeerden te pletten. Ik vloog naar buiten om vervolgens verderop weer een raam naar binnen te vliegen. De gang was gelukkig leeg. Ik veranderde terug naar mijn menselijke vorm en zocht in mijn broekzakken naar een kleine zaklamp. Deze hadden we mee weten nemen van mijn moeders huis. Ik zocht door de ramen heen naar de juiste positie en richtte vervolgens mijn zaklamp op een stuk reflecterend glas dat zich buiten bevond. Ik moest snel het signaal geven! Nu waren de darkbreathers nog niet voluit voorbereid maar dat zou niet lang meer duren. Ik hoopte maar dat het zou lukken. Ik knipperde met de zaklamp het afgesproken signaal tot ik een hard klap achter mij hoorde. Van schrik viel ik over mijn eigen voeten. De leider had me gevonden. “Kijk eens aan. Wat hebben we hier? Zijn jullie er nu al? Nou ook goed. Jij gaat met mij mee. Ik zal je laten zien wat we met engelen zoals jij doen kleintje hahaha.” Hij pakte me bij mijn arm en sleurde me mee. Ik probeerde me los te trekken en te transformeren maar het lukte niet. Het was dus inderdaad een val. Gelukkig hadden we een voordeel. Hij kon zonder Negan onmogelijk weten wie ik was toch? Tenminste dat hoopte ik. Zolang ik niet herkend werd als een half engel had ik een kans. Ik liet me meesleuren door de leider, bang voor wat me te wachten stond. Zou de rest mijn signaal hebben gezien? Zouden ze klaar zijn voor de aanval? En het belangrijkste van alles, zouden ze sterk genoeg zijn om deze slag te winnen zonder mij? Natuurlijk zouden ze winnen dacht ik bij mijzelf. Het helpt niet om doom te denken in deze situatie.